|   English VUmc   |   Home VUmc   |   Intranet VUmc   |   GGZ inGeest   |   Route en contact VUmc   |  Lees voor
a  |  a  |  a

Zoeken

 
Betrokken en zorgvuldig - Kennis maakt ons beter visual

Diabetes en sport

Het beoefenen van een sport is goed voor iedereen, dus ook voor mensen met diabetes. Sport beïnvloedt het gewicht op een positieve manier.

Wat gebeurt er tijdens het sporten met het lichaam?
Bij sport wordt extra energie gebruikt. Glucose en vet zijn de brandstoffen voor de spieren. Hierdoor kan de bloedglucose laag worden. Wanneer men insuline spuit, wordt de insuline beter opgenomen. Dit komt door een betere doorbloeding van het vetweefsel. HIerdoor komt er meer insuline in het bloed en daardoor zakt de bloedglucose. Bij regelmatig sporten en na intensieve sportbeoefening wordt het lichaam gevoeliger voor insuline zodat er minder nodig is.

Hoe kunnen hypo's voorkomen worden tijdens het sporten?
Minder insuline
Bij vier maal daags insuline spuiten is het goed mogelijk om de hoeveelheid kortwerkende insuline te verminderen. Soms is verminderen tot wel veertig procent van de uitgangswaarde noodzakelijk. Bij een tweemaal daags insuline schema, waarbij kort en langwerkende insuline ineen zit, is dit wat moeilijker te regelen. De regulatie moet in overleg met de behandelaar worden afgestemd. Het is belangrijk om de bloedglucose regelmatig te meten, zo krijgt u inzicht in het effect van sporten op het bloedsuikergehalte.

Meer eten
Het is aan te raden om bij sporten extra koolhydraten mee te nemen. De hoeveelheid hangt af van de intensiviteit en de duur van de sport. Het is een kwestie van proberen. Door regelmatig vóór, tijdens en na het sporten de bloedglucose te controleren, komt men er achter hoe het lichaam reageert op de sport. Indien er vlak voor het sporten een lage bloedglucose wordt gemeten, kunnen het beste snel opneembare koolhydraten (pure suiker of vloeibare suikers, zoals AA-drank) worden genomen.

Plaats van het spuiten
Spuit de insuline niet in het lichaamsdeel wat intensief gebruikt wordt. De insuline wordt dan vaak sneller opgenomen met de kans op een hypo.

Voorkomen van een hypo na het sporten
Doordat de glucosevoorraad uit spieren en lever tijdens het sporten gebruikt wordt, zal het lichaam die eerst weer aanvullen. Het is mogelijk dat er nog tot lang na het sporten, zelfs tot de volgende dag, sprake is van een lage bloedglucose. Belangrijk is om regelmatig na het sporten, bijvoorbeeld na één uur en na twee à drie uur, de bloedglucose te controleren en zo nodig extra te eten. Soms is het na een avond sporten nodig de middellangwerkende of langwerkende insuline voor het slapen gaan te verminderen.

Waar nog meer op letten?
Naast de kans op een hypo kan er nog een probleem ontstaan. Bij een te hoge bloedglucose (> 15 - 20 mmol/l) is het niet goed om te gaan sporten. Er is te weinig of geen insuline die de glucose in de spiercellen brengt. De bloedglucose zal nog meer stijgen en het lichaam gaat vetten verbranden om de nodige energie te verkrijgen. Men voelt zich niet lekker. Het lichaam verzuurt (keto-acidose). Het is daarom zaak om vóór het sporten eerst te zorgen voor een betere bloedglucose.
Wanneer iemand insuline gebruikt, kan er pas weer gesport worden nadat er insuline is gespoten.

Copyright VU medisch centrum 2012 Privacy | Disclaimer | Copyright | Webredactie