Hieronder vindt u de lopende onderzoeksprojecten van de afdeling huisartsgeneeskunde sectie wetenschappelijk onderzoek
Het doel van het onderzoek is evalueren of deze op cognitieve therapie gebaseerde zelfhulp in de eerste lijn (kosten)effectief is in het voorkomen van terugval voor patiënten met terugkerende depressies.
Om diabetespatiënten gedurende verschillende fasen in het leven met hun aandoening te ondersteunen, hebben onderzoekers van het NIVEL, het VU medisch centrum, en het UMC Utrecht het wetenschappelijk onderzoeksprogramma "Leven met diabetes" opgezet.
Om de zorg voor ouderen met gewrichtspijn en comorbiditeit te verbeteren, is het van essentieel belang kennis te vergaren over de betekenis van pijn, de gevolgen van pijn, de kenmerken van ouderen met gewrichtspijn en hun zorgbehoeften.
Het onderzoek richt zich op de zorg in de huisartsenpraktijk voor mensen met type 2 diabetes die daarnaast ook nog een andere chronische ziekten hebben.
Dit onderzoek richt zich op het verduidelijken van de (kosten)effecten van het zelf controleren van de suikerspiegel bij patiënten met type 2 diabetes welke geen insuline gebruiken vergeleken met de standaard aangeboden zorg.
Om het risico op hart- en vaatziekten en diabetes mellitus type 2 te verminderen zijn leefstijlveranderingen op het gebied van voeding, lichamelijke activiteit en rookgedrag noodzakelijk.
Het onderzoeksproject CERTAIN heeft als doel het ontwikkelen van een beoordelingssystematiek voor academische huisartsenpraktijken waarmee we hun ontwikkeling en prestaties op een uniforme en valide manier kunnen vaststellen en volgen.
Dit onderzoek is gericht op methodologische aspecten van het ontwikkelen en valideren van predictieregels voor patiënten met rugpijn of schouderklachten.
Een gestructureerd diabeteszorgsysteem (“ketenzorg”) kan leiden tot een betere diabetesinstelling en een gunstiger profiel van risicofactoren voor complicaties in vergelijking tot de momenteel gebruikelijke diabeteszorg in Nederlandse huisartsenpraktijken.
In een gerandomiseerde gecontroleerde trial worden klachten van depressie en angst bij bewoners van verschillende Amsterdamse verzorgingshuizen in een vroeg stadium opgespoord. Geïdentificeerde bewoners krijgen begeleiding aangeboden via een stapsgewijs interventieprotocol.
Goed communiceren binnen de palliatieve zorg (PZ) is moeilijk. In dit onderzoek wordt het ‘AAA-assessment-instrument’ geevalueerd, een instrument dat huisartsen in staat stelt hun lacunes te identificeren en op basis daarvan hun leerdoelen te formuleren.
Om Aios optimaal voor te bereiden op hun toekomstige palliatieve taak als huisarts wordt een nieuw onderwijsprogramma Palliatieve Zorg ontwikkeld en in 2 huisartsopleidingsinstituten geïmplementeerd en geëvalueerd.
In een gerandomiseerde interventie studie (RCT) onderzoekt VU medisch centrum de preventieve effecten van zogenaamde familiegesprekken op angst en depressie bij mantelzorgers van dementerenden. Daarnaast wordt een kosteneffectiviteitstudie uitgevoerd.
De Nieuwe Hoornstudie
Binnenkort gaat een wetenschappelijk onderzoek van start waarin de afdeling huisartsgeneeskunde van het VU medisch centrum Amsterdam in samenwerking met huisartsen in Amsterdam en Twente een nieuwe methode van instelling op insuline gaan onderzoeken.
Dit onderzoek geeft inzicht in de vraag of blootstelling aan depressie en angst een verband heeft met vaatschade, en welke relatieve bijdrage gemeenschappelijke onderliggende paden hebben.
Moeheid is een van de meest gepresenteerde klachten in de huisartspraktijk. Tijdige identificatie van patiënten met grote kans op een ongunstig beloop van de moeheid is nodig voor een gerichte interventie of verwijzing naar de tweede lijn.
In dit onderzoek wordt de effectiviteit en de kosteneffectiviteit van Collaborative care, een vorm van disease management waarin evidence-based behandelingen worden aangeboden en waarbij de inzet van een care manager een cruciale rol speelt, geëvalueerd
Doel van deze studie is om de effectiviteit te onderzoeken van 'Problem Solving Treatment' (PST) uitgevoerd door verpleegkundigen in de huisartspraktijk. Het betreft een 'randomised controlled clinical trial' die zal worden uitgevoerd in een twintigtal huisartspraktijken.
In dit onderzoek worden gegevens over de diagnostische waarde van anamnese, lichamelijk onderzoek, laboratoriumtesten, en beeldvormend onderzoek bij patiënten met niet-acute buikpijnklachten in de huisartspraktijk samengevat in de vorm van systematische reviews
Vaardig en patiëntgericht communiceren beïnvloedt uitkomsten in de zorg, zoals tevredenheid van de patiënt en therapietrouw. Om huisartsen in opleiding (HAIO’s) effectiever en meer patiëntgericht communiceren te leren, is gestart met een ‘patiëntenfeedback’-project.
Fysieke klachten als moeheid, gewrichtspijn, of buikpijn komen veel voor. Bij veel mensen kan geen specifieke ziekte als oorzaak van de klachten worden gevonden. Het doel van dit project is de invloed van fysieke klachten op de ervaren gezondheid te onderzoeken.
Dit onderzoek zal gegevens opleveren die uitgangspunt zijn voor het ontwikkelen van een beter beleid voor diagnostiek en behandeling van pols/handklachten in de huisartspraktijk
In dit onderzoek wordt bepaald of een cognitief gedragsprogramma effectiever is in het veranderen van gedrag en daarmee het veranderen van leefstijl en het verbeteren van het risico op hart- en vaatziekten dan de gebruikelijke zorg in patiënten met type 2 diabetes.
Doel van dit onderzoek (DIEP) is de ontwikkeling en toepassing van een diagnostisch protocol voor ouderen met duizeligheid in de huisartspraktijk.
Veel oudere patiënten en hun huisartsen (h)erkennen psychische problemen niet wanneer ze spelen. Het gestructureerd gebruik van een depressievragenlijst, met daarna extra depressiezorg met gestructureerde aandacht kan helpen bij erkenning, benoeming en behandeling.
Er is weinig bekend over het beloop van depressie bij ouderen in de huisartspraktijk. Kennis over de prognose en welke factoren dit voorspellen helpt de huisarts behandelingen meer op maat aan te bieden.
In West-Friesland wordt getracht de zorg aan cognitief kwetsbare ouderen en hun mantelzorgers te verbeteren via actieve opsporing gevolgd door case management. De doelgroep wordt geselecteerd via een gezondheidscreening en via de huisartsen.