Betrokken en zorgvuldig - Kennis maakt ons beter

Laryngologie/logopedie

De stem

De larynx (het strottenhoofd) is in de hals gelegen en vervult een belangrijke rol bij spreken, slikken en ademhalen. Het vormt de verbinding tussen de luchtpijp en de keelholte. In de mond- en keelholte zijn de lucht- en voedselweg niet gescheiden; in de larynx splitsen ze zich in twee aparte kanalen:

de ingeademde lucht gaat door de luchtpijp (trachea) naar de longen
het doorgeslikte voedsel gaat door de slokdarm (oesofagus) naar de maag.

De larynx heeft daardoor drie belangrijke functies:

  • het maken van geluid, nodig om te kunnen spreken;
  • bescherming van de longen tijdens slikken van voedsel of vloeistoffen;
  • openen van de luchtweg bij ademhaling.

 Figuur 1. Kruispunt van ademweg en spijsweg bij de volwassen mens.


De stemplooien (stembanden)
De stemplooien zijn belangrijke onderdelen van de larynx. Zij spelen een hoofdrol bij spreken, slikken en ademhalen. De stemplooien bestaan uit spieren en bindweefsel die overdekt zijn met een dunne laag weefsel. Deze laag wordt slijmvlieslaag (mucosa) genoemd.

Er is een linker- en een rechterstemplooi die samen een ‘V’ vormen als je er bovenop kijkt. Stemplooien zijn heel klein: ongeveer 1-1½ centimeter lang en ongeveer ½ centimeter breed. Bij mannen zijn stemplooien iets langer en dikker dan bij vrouwen. Daardoor hebben mannen een lagere stem dan vrouwen. 

 Figuur 2. De stemplooien van bovenaf gezien.

Spreken

Als je begint met spreken, gaan de stemplooien naar elkaar toe. De uitgeademde lucht uit de longen stroomt de luchtpijp in en botst tegen de onderkant van de gesloten stemplooien aan. Hierdoor krijg je een ophoping van lucht onder de stemplooien die drukt tegen deze stemplooien om erdoor te kunnen. Uiteindelijk wordt die druk zo groot dat de stemplooien niet meer tegen elkaar kunnen blijven en gaan ze open. Hierdoor kan de lucht met een plofje ontsnappen. Hierdoor worden de stemplooien aan de bovenkant juist weer naar elkaar toe gezogen en sluiten ze zich weer. Dit heet het Bernouilli effect. Nieuwe uitgeademde lucht hoopt zich vervolgens weer op onder de weer gesloten stemplooien en het hele proces begint opnieuw.

Klik  hier voor een afbeelding van de beweging van de stemplooien tijdens spreken

De stemplooien gaan dus steeds heel snel open en dicht. Doordat de uitgeademde lucht uit de longen op deze manier door de stemplooien ontsnapt, gaat deze lucht trillen. Deze trillingen neem je waar als geluid. Het geluid van de stemplooien is een basisgeluid; het geluid wordt verder gevormd in de rest van het spraakkanaal (borst-, keel-, mond- en neusholte). In deze holtes gaat het geluid resoneren, doordat de lucht in de holtes ook gaat trillen. Daarom worden dat ook wel resonantieholten genoemd. Resonantie kan je ook voelen door je vingers op je strottenhoofd te leggen als je praat , of bijvoorbeeld op je neusvleugels.
Met het geluid kan je vervolgens gaan spreken door bewegingen te maken met je tong, lippen, gehemelte en onderkaak. Hierdoor ontstaan spraakklanken en dat noemen we articuleren.

Samenvattend gaat spreken dus als volgt:

uitademings-
lucht  uit longen
omzetting in basisgeluid 
door stem-
plooien
vorming van het eigen stemgeluid door resonantieholten vorming van spraak door bewegingen van lippen, tong, gehemelte en kaak

Stemkwaliteit
De stemplooien moeten in goede conditie zijn om te spreken. Voor een helder stemgeluid is het belangrijk dat de stemplooien gaaf zijn, dat ze goed tegen elkaar aansluiten en dat ze allebei goed en regelmatig kunnen trillen. Wanneer de stemplooien niet gaaf zijn, niet goed met elkaar in contact kunnen komen of niet kunnen bewegen, wordt ook het stemgeluid minder helder: als ze niet gaaf zijn, kan het geluid schor worden en als ze niet helemaal goed kunnen sluiten dan wordt het stemgeluid hees. Dat komt doordat veel lucht kan ontsnappen, zonder dat het in trilling wordt gebracht. En als de stemplooien helemaal niet kunnen sluiten dan wordt er ook geen stemgeluid gemaakt.

Toonhoogte
De toonhoogte van de stem wordt bepaald door de snelheid waarmee de stemplooien open en dicht gaan. Dit is het aantal trillingen van de stemplooien per seconde, uitgedrukt in Hertz (Hz). Mannen spreken gemiddeld ongeveer op 110 Hz, vrouwen op gemiddeld 220 Hz. De lengte, dikte en spanning van de stemplooien spelen hierbij een rol. Het verschil in toonhoogte tussen mannen en vrouwen komt doordat mannen langere en dikkere stemplooien hebben dan vrouwen. Daarom is hun stem lager. Bij bepaalde afwijkingen aan de stemplooien kan de stem veranderen van toonhoogte. De toonhoogte wordt lager als er bijvoorbeeld vocht in de stemplooien zit.

Luidheid
Luidheid wordt bepaald door de uitslag van de stemplooien, de kracht waarmee de stemplooien trillen. Dit wordt uitgedrukt in decibel (dB). Hoe luider je spreekt, des te krachtiger trillen de stemplooien. Hier moet wel een bepaald evenwicht in zijn: als je te zacht spreekt, is de trilling te zwak; spreek je te luid, is de trilling te krachtig. Bij langdurig te luid spreken kan de stem overbelast raken en kunnen stemklachten ontstaan.

Stemklachten

Patiënten
Patiënten met stemklachten en/of klachten als moeheid of keelpijn na spreken.
Ook mensen die uit hoofde van hun beroep aan bijzondere stemeisen moeten voldoen.

Welke zorg bieden we?
De zorg omvat onderzoek, diagnose, beleidsadvies met betrekking tot wel/geen behandeling en behandeling.

Verwijzing
Via huisarts of specialist. Ook op aanraden van behandelend logopedist of zangpedagoog kan een verwijzing tot stand komen.

Afspraken : secretariaat KNO: 020-444 3687
                      e-mail: kno@vumc.nl

Werkwijze
Het onderzoek omvat een stroboscopisch onderzoek, waarbij het aspect en de functie van de stemplooien beoordeeld worden, KNO-onderzoek en logopedisch onderzoek; waarna de diagnose wordt gesteld en beleid wordt bepaald. Behandeling kan poliklinisch in het VU medisch centrum of elders plaatsvinden.

Doel
Stempatiënten hebben na onderzoek en/of behandeling inzicht in het gebruik van hun stem.

Wij streven naar het gebruik van de stem zonder klachten.

Beroepssprekers kunnen na onderzoek en/of behandeling de mogelijkheden van hun stem benutten. Binnen hun beroep zijn zij in staat hun gebruikelijke werkzaamheden te continueren of te hervatten of weten ze dat deze moeten worden aangepast.

Samenwerkingsverbanden
Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie

Genderdysfonie

Patiënten
Patiënten met genderdysforie die hun stem aan de nieuwe sekserol willen aanpassen.

Welke zorg bieden we?
Diagnostiek op het gebied van keel-, neus- en oorheelkunde en logopedie volgens een door de subafdeling vastgestelde werkwijze. Afhankelijk van de bevindingen bij onderzoek kan logopedische therapie ingesteld worden. De therapie zal zo dicht mogelijk in de buurt van de woonplaats van patiënt plaatsvinden. Controle van de therapie en advisering over vervolgtherapie behoort weer tot onze taak. De activiteiten vinden plaats als deel van de multidisciplinaire werkgroep genderteam.

Verwijzing
Intern via het genderteam, evt via huisarts of specialist.

Afspraken : polikliniek KNO: 020-444 1140
                      e-mail: kno@vumc.nl

Werkwijze
Diagnostisch onderzoek: het stellen van vragen over de stem en spraak, alsmede hiermee samenhangende vragen van algemeen medische aard; kno-onderzoek en logopedisch onderzoek met behulp van specifieke stemtesten. Na diagnose volgt advies inzake therapie, zo nodig doorverwijzing.

Laryngectomie

Patiënten
Patiënten die in het VU medisch centrum een totale laryngectomie hebben ondergaan wegens een (glottisch) larynxcarcinoom

Welke zorg bieden we?
Het aanleren van de voor deze patiënt mogelijke spraak/stem methode. Dit is in eerste instantie de oesophagusspraak met behulp van het knoopje (een tijdens de operatie geplaatst ventiel tussen luchtpijp en slokdarm). Tevens wordt begonnen met het starten van het aanleren van de gewone slokdarmspraak.

Verwijzing
Via de KNO-arts bij ontslag uit het ziekenhuis

Werkwijze
Individuele behandeling in een multidisciplinaire setting.

Links
Patiëntenvereniging Hoofd-Hals.

Psychogene afonie

Patiënten
Patiënten van wie de stem plotseling is weggevallen en bij wie geen organische oorzaken zijn gevonden.

Welke zorg bieden we?
De zorg omvat onderzoek, diagnose, beleidsadvies met betrekking tot wel/geen behandeling en zo nodig behandeling.

Verwijzing
Via huisarts of specialist. Ook op aanraden van de behandelend logopedist kan een verwijzing tot stand komen.

Afspraken
Polikliniek KNO: 020-444 1140
E-mail: kno@vumc.nl

Werkwijze
Het onderzoek omvat een stroboscopisch onderzoek, waarbij het aspect en de functie van de stemplooien beoordeeld worden, en een KNO-onderzoek; waarna de diagnose wordt gesteld en beleid wordt bepaald. Zo nodig kan de gespecialiseerde logopedische behandeling poliklinisch in het VU medisch centrum plaatsvinden. De geïntegreerde aanpak van foniatrisch onderzoek en logopedische behandeling is volgens de visualisatie methode, bovendien hoort een diagnostisch gesprek met een psycholoog van het VU medisch centrum tot de mogelijkheden.

Spraakproblemen kinderen

Patiënten
Patiënten met uitspraakproblemen. Wij richten ons op kinderen die niet slechthorend zijn en bij wie logopedische behandeling onvoldoende resultaat heeft gehad.

Welke zorg bieden we?
De zorg omvat onderzoek, diagnose, beleidsadvies en behandeling.

Verwijzing
Via huisarts of specialist. Ook op aanraden van de behandelend logopedist kan een verwijzing tot stand komen.

Afspraken
Polikliniek KNO: 020-4441140
E-mail: kno@vumc.nl

Werkwijze
Diagnostisch onderzoek, waarbij vragen gesteld worden over de spraak/taalontwikkeling en over de ontwikkeling in het algemeen, hierna volgt een KNO-onderzoek en een uitgebreid logopedisch onderzoek. Na diagnose volgt advies inzake aard en plaats van de behandeling.

Spraakproblemen volwassenen

Patiënten
Patiënten met uitspraakproblemen ten gevolge van afwijkingen in het mond- en keelgebied of patiënten die zonder effect elders logopedisch behandeld zijn.

Welke zorg bieden we?
De zorg omvat onderzoek, diagnose, beleidsadvies en behandeling. Afhankelijk van de bevindingen bij onderzoek kan therapie ingesteld worden. De therapie zal zo dicht mogelijk in de buurt van de woonplaats van de patiënt plaatsvinden. Controle van de therapie en advisering over vervolgbehandeling behoort weer tot onze taak.

Verwijzing
Via specialist of huisarts. Ook op aanraden van de behandelend logopedist kan een verwijzing tot stand komen.

Afspraken
Polikliniek KNO: 020-4441140
E-mail: kno@vumc.nl

Werkwijze
Diagnostisch onderzoek, waarbij vragen gesteld worden over de uitspraakproblemen en de medische voorgeschiedenis, hierna volgt een KNO-onderzoek en een uitgebreid logopedisch onderzoek, meestal met specifieke testen. Na diagnose volgt advies over therapie. Indien logopedische behandeling zinvol is, kan deze in de buurt van de woonplaats van de patiënt gegeven worden of in uitzonderingsgevallen op onze polikliniek.

Taalstoornissen

Patiënten
Patiënten met taalproblemen (eventueel gecombineerd met problemen in de spraakontwikkeling), van wie bekend is dat het gehoor goed is. Dit kunnen ook kinderen zijn bij wie logopedie onvoldoende effect heeft.

Welke zorg bieden we?
Diagnostisch onderzoek naar de onderliggende oorzaak van de problemen in de taalontwikkeling (en spraakontwikkeling indien nodig). Hierna wordt beleidsadvies gegeven.

Verwijzing
Via huisarts of specialist. Ook op aanraden van de behandelend logopedist kan een verwijzing tot stand komen.

Afspraken : polikliniek KNO: 020-4441140
                 e-mail: kno@vumc.nl

Werkwijze
Diagnostisch onderzoek, waarbij vragen gesteld worden over de spraak/taalontwikkeling en over de ontwikkeling in het algemeen, hierna volgt een KNO-onderzoek en een uitgebreid logopedisch onderzoek met specifieke testen. Na diagnose volgt advies inzake plaats en vorm van de behandeling.

Samenwerkingsverband
Dienst Medische Psychologie, sectie kinderen

Schisis


Welke zorg bieden we?
Het op maat aanbieden van voorlichting en controles op het gebied van keel-, neus- en oorheelkunde en logopedie volgens een door de subafdeling vastgestelde werkwijze. Afhankelijk van de bevindingen bij onderzoek kan therapie ingesteld worden. De therapie zal zo dicht mogelijk in de buurt van de woonplaats van patiënt plaatsvinden. Controle van de therapie en advisering over vervolgtherapie behoort weer tot onze taak. De activiteiten vinden plaats als deel van de multidisciplinaire werkgroep schisisteam.

Verwijzing
Intern via andere specialisten van het schisisteam of via huisarts of specialist.

Afspraken : polikliniek KNO: 020-4441140

Werkwijze
1. Voor patiënten met een lip(kaak)spleet:

  • Voorlichting aan de ouders over de normale spraak- en taalontwikkeling en voorafgaand aan schisisteam-controle bij 1 jaar éénmalig onderzoek.

2. Voor patiënten met een gehemeltespleet al dan niet gecombineerd met andere vormen van schisis:

  • Voorlichting over de te verwachten spraak- en taalontwikkeling; controle op 1jarige leeftijd en vervolgens jaarlijks tot en met 6 jaar. Tussentijdse controle’s afhankelijk van diagnose en eventueel in te stellen therapie.

Onderzoek volgens bovenstaande werkwijze bestaat altijd uit het stellen van vragen, kno-onderzoek en logopedisch onderzoek met specifieke testen, alsmede gehooronderzoek.

Doel
Op 6-jarige leeftijd heeft een patiënt met schisis een goed gehoor en een goede spraak.

Bij oudere schisispatiënten (herbeoordeling) zal een zo goed mogelijk resultaat nagestreefd worden.

Samenwerkingsverbanden
Het schisisteam van VUmc
Nederlandse Vereniging voor Schisis en Craniofaciale afwijkingen
BOSK

Slikstoornissen

Welke zorg bieden we?
De aangeboden zorg omvat gerichte diagnostiek, functionele sliktraining en eventueel begeleiding op afstand van sliktraining elders.

Verwijzing
Via huisarts of specialist, eventueel op verzoek van de behandelend logopedist.

Afspraken
Polikliniek KNO: 020-444 1140
E-mail: kno@vumc.nl

Werkwijze
Diagnostisch onderzoek, waaronder het stellen van vragen over de medische voorgeschiedenis en de huidige slikklachten. Verder worden een KNO-onderzoek en een gericht logopedisch onderzoek uitgevoerd, zo nodig gevolgd door b.v. een slikvideo-onderzoek. Na het stellen van de diagnose wordt een advies gegeven met betrekking tot wel/geen logopedische behandeling, en/of andere therapie. Logopedische behandeling kan op onze afdeling worden gegeven of in de woonplaats bij een logopedist met ervaring met slikproblemen.

Doel
We streven naar veilig en effectief slikken, zodat onafhankelijkheid van voedingssondes en aangepaste voedingsmiddelen kan worden bereikt.


 

printen