Hersenen jongeren met genderdysforie hebben kenmerken van andere geslacht

13 juni 2014

Hersenen van jongeren die in het verkeerde lichaam zijn geboren, vertonen kenmerken die meer overeenkomen met het gewenste geslacht dan het biologische geslacht. ‘Meisjes met genderdysforie vertonen al voor de hormoonbehandeling dezelfde hersenactiviteit als jongens zonder genderdysforie’ aldus Sarah Burke. Zij promoveert op 16 juni bij VU medisch centrum

Bij genderdysforie identificeert iemand zich met het andere geslacht en heeft het gevoel ‘in een verkeerd lichaam geboren te zijn’. Jaarlijks melden zich ongeveer 200 kinderen hiermee bij het Kennis- en Zorgcentrum voor Genderdysforie van VUmc. Vanaf hun twaalfde jaar kunnen deze kinderen worden behandeld met puberteitsremmers. Na de zestiende verjaardag kan worden gestart met het toedienen van geslachtshormonen van het andere geslacht.

Hersenen van ander geslacht
VUmc-promovenda Sarah Burke gebruikte functionele MRI om de hersenen van jongeren met genderdysforie te vergelijken met die van  jongeren zonder genderdysforie. Burke: "Het blijkt dat de hersenen van deze jongeren kenmerken hebben die beter overeenkomen met hun ervaren gender dan met hun geboorte geslacht."

Burke liet de jongeren onder andere ruiken aan de geurstof androstadiënon, die in mannelijk zweet voorkomt. Het is bekend dat alleen vrouwen op deze geur reageren in een specifiek hersengebied. Burke: "Uit dit onderzoek blijkt dat de hersenen van adolescenten met genderdysforie zich gedragen als die van hun gewenste geslacht. Dus: de hersenen van jongens met genderdysforie reageerden wél op de geurstof en die van de genderdysfore meisjes niet. Bij mensen zonder deze aandoening is dat juist andersom."

Hormoonbehandeling
Burke onderzocht bovendien het effect van de testosteron behandeling op de hersenen van meisjes met genderdysforie. Ze mat de hersenactiviteit tijdens een oefening die ruimtelijk inzicht vereist zowel voor als tien maanden na de start van de hormoonbehandeling. Het is bekend dat de hersenactiviteit tijdens deze test verschilt tussen mannen en vrouwen. "De meisjes met genderdysforie vertoonden al voor de behandeling dezelfde hersenactiviteit als jongens zonder genderdysforie en onderscheidden zich duidelijk van de meisjes zonder de aandoening", aldus Burke. "Na 10 maanden testosteron blootstelling lieten de meisjes met genderdysforie een verhoging in hersenactiviteit zien, net als de jongens zonder genderdysforie. Bij de meisjes zonder genderdysforie vonden we geen verschil tussen de twee metingen. We konden aantonen dat testosteron, zowel in de vorm van een hormoonsuppletie (genderdysfore meisjes), als tijdens de normale puberteit (jongens zonder genderdysforie) versterkende effecten heeft op het visueel-ruimtelijk functioneren.

Burke benadrukt dat er nog meer onderzoek moet worden gedaan naar de effecten van de hormoonbehandeling. "We weten nog onvoldoende over de precieze gevolgen van wel of niet behandelen van deze patiënten op de ontwikkeling van hun hersenen."

bron: Persbericht

printen