Training voor mentoren - Opleiding Geneeskunde VU

Schrijf je nu in

Het mentoraat maakt onderdeel uit van het Programmatisch Toetsen. Dit start in september 2021 voor de studenten die nieuw instromen in masterjaar 1, masteropleiding Geneeskunde VU. Bij programmatisch toetsen kijken we longitudinaal naar de competentie ontwikkeling van de studenten. Als mentor speelt u een belangrijke rol in deze longitudinale begeleiding van de coassistent. Deze training bereidt u voor op deze functie.

Het mentoraat maakt onderdeel uit van het Programmatisch Toetsen. Dit start in september 2021 voor de studenten die nieuw instromen in masterjaar 1, masteropleiding Geneeskunde VU. Bij programmatisch toetsen kijken we longitudinaal naar de competentie ontwikkeling van de studenten. Dat betekent dat naast het disciplinegebonden feedback tijdens de coschappen, ook feedback op het functioneren over een langere periode plaatsvindt. Door een programmatisch toetsprogramma te implementeren verschuiven we de focus, meer dan voorheen, naar de groei en ontwikkeling van de coassistent zowel in de discipline als over een langere periode in het jaar. Niet iedereen leert alles in hetzelfde tempo of op dezelfde manier. Programmatisch toetsen sluit hier meer bij aan. Als mentor speelt u een belangrijke rol in deze longitudinale begeleiding van de coassistent.

Bent u nog niet aangemeld als mentor en lijkt het u leuk om deze functie te vervullen? In deze beschrijving vindt u meer informatie over de functie van mentor. U kunt uw interesse voor deze functie kenbaar maken via mentoraat@vumc.nl

Programma

Mentoren voor VU-coassistenten volgen een training bestaande uit 3 onderdelen (ook als u al tutor geweest bent in de master):

  • 2 uur starttraining voor aanvang mentoraat (online)
  • 2 uur intervisiebijeenkomst nadat een aantal gesprekken is gevoerd (online of fysiek)
  • Training in 1 op 1 gespreksvoering (circa 2 uur, online of fysiek)*
    • de workshop(s) over 1 op 1 gesprekstechnieken zijn door de ABAN (Accreditatie Bureau Algemene Nascholing) geaccrediteerd

*U krijgt vrijstelling voor de training in 1 op 1 gespreksvoering wanneer een van de volgende onderdelen op u van toepassing is

  • u bent in het bezit van een BKO (Basiskwalificatie Onderwijs)
  • u heeft een Teach the Teacher gevolgd
  • u heeft een van de volgende twee workshops gevolgd:
    • WS Motiverende gespreksvoering
    • WS Help! wat moet ik nu tegen de student zeggen

In overleg kan ook vrijstelling gegeven worden op basis van andere trainingen. Mail naar: docentprofessionalisering@vumc.nl. Gedurende het jaar biedt Docentprofessionalisering-VUmc diverse workshops aan voor 1 op 1 gespreksvoering, zoals de workshop Motiverende gespreksvoering en de workshop Help! Wat moet ik nu tegen de student zeggen.

Mentoren ontvangen voor bovenstaande onderdelen uitnodigingen van Docentprofessionalisering-VUmc (docentprofessionalisering@vumc.nl).

De starttraining helpt je bij het invullen van je rol als mentor, met name als het gaat om:

  • Welke rol heb je als mentor in het proces van programmatisch toetsen?
  • Hoe kan je het digitaal portfolio gebruiken om de coassistent te coachen en te motiveren in haar/zijn ontwikkeling?
  • Hoe schrijf je een compacte, complete evaluatie over de competenties van de coassistent?

 

Doelgroep

Artsen die zijn aangemeld als mentor voor de master Opleiding Geneeskunde VU.

Duur

De starttraining en intervisiebijeenkomst duren allebei 2 uur.

Locatie

De starttraining vindt online plaats. De intervisiebijeenkomsten zullen zowel online als fysiek aangeboden worden.

Inschrijven

U krijgt een uitnodiging via docentprofessionalisering@vumc.nl als u bent aangemeld als mentor.

Bent u nog niet aangemeld als mentor en lijkt het u leuk om deze functie te vervullen? In deze beschrijving vindt u meer informatie over de functie van mentor. U kunt uw interesse voor deze functie kenbaar maken via mentoraat@vumc.nl.

Accreditatie

De starttraining voor mentoren is door de ABAN (Accreditatie Bureau Algemene Nascholing) geaccrediteerd met 2 punten.

Meer informatie?

Vraag het aan Anke Kleinveld