MRI maakt MS-medicatie veiliger

Gepubliceerd op: 29-05-2019

Regelmatig een MRI-scan maken bij de chronische hersenziekte ziekte multiple sclerose (MS) kan helpen bij het op tijd herkennen van een ernstige bijwerking van medicatie. Dit laat radioloog Mike Wattjes zien in zijn proefschrift. Zijn onderzoek geeft belangrijke nieuwe informatie voor de geneesmiddelenbewaking van het MS-medicijn natalizumab.“We willen dat ziekenhuizen gestandaardiseerde MRI-protocollen toepassen om mensen met MS te monitoren. MRI is een gevoelige meetmethode om veranderingen in hersenen en ruggenmerg te meten, ook als de mensen met MS zelf nog geen veranderingen merken.” Mike Wattjes promoveert op maandag 3 juni aan Amsterdam UMC, locatie VUmc.

Er zijn steeds meer medicijnen voor de behandeling van MS beschikbaar. Helaas krijgen sommige patiënten last van complicaties soms met ernstige gevolgen. Zo kan het middel natalizumab het JC-virus activeren wat kan leiden tot een levensbedreigende infectie van de hersenen (Progressieve Multifocale Leukencefalopatie ofwel PML). Wattjes heeft onderzocht hoe deze zeldzame complicatie op de MRI-beelden eruit ziet. Hij vond dat het mogelijk is om PML op te sporen met behulp van MRI als de patiënten nog geen symptomen hebben (asymptomatisch.) Als de door natalizumab veroorzaakte PML vroeg herkent en behandeld wordt, daalt niet alleen de kans dat mensen overlijden aan PML, maar ook de restverschijnselen bij de mensen die de PML overleven zijn beperkt.

MRI beter dan test

PML wordt veroorzaakt door het JC-virus. Wattjes onderzocht 73 mensen met MS die natalizumab gebruikten en PML kregen. Bij deze groep is de aanwezigheid van het JC-virus in het hersenvocht gemeten en zijn de MRI-beelden bestudeerd. Bij negen mensen werd in eerste instantie geen JC-virus gemeten in het hersenvocht. Wel waren er kleine afwijkingen te zien op de MRI-scan. Bij de 64 overige mensen werd wel JC-virus gemeten. Wattjes concludeert dat kleine afwijkingen in de grijze stof veelal op specifieke plaatsen in de hersenen het beste aantoont dat iemand PML heeft. Bij natalizumab gebruik en bij het vermoeden op PML moet een negatieve JC-virus test in het hersenvocht dus voorzichtig worden geïnterpreteerd. Vooral bij mensen met kleine afwijkingen op de MRI. Dit is zeer belangrijke nieuwe informatie voor de geneesmiddelenbewaking van natalizumab. Uit het proefschrift van Wattjes blijkt dat het opsporen van de kleine afwijkingen op MRI-beelden moeilijk is voor niet-getrainde radiologen. Dit geeft het belang aan van het hebben van een PML expertisecentrum, zoals bij het MS Centrum Amsterdam.

Richtlijnen gebruik MRI bij MS

Wattjes heeft met zijn onderzoek de basis gelegd voor aanpassingen van de MRI-richtlijn voor het monitoren van MS. Daarom heeft Wattjes samen met zijn Spaanse collega Alex Rovira richtlijnen opgesteld voor het gebruik van MRI bij mensen met MS. Ook voor vroegdiagnostiek is de nieuw opgestelde richtlijn van belang. De richtlijnen zijn gepubliceerd in het blad Nature Reviews Neurology. Met de richtlijnen kan MRI meer betekenen voor mensen met MS.

Gepubliceerd op: 29-05-2019