"Ontwikkelingen in e-health gaan razendsnel!"

Gepubliceerd op: Fri Jan 26 15:55:00 CET 2018

Van 20 t/m 26 januari vindt voor de tweede keer de e-healthweek plaats: een campagne voor het vergroten van kennis en vaardigheden op het gebied van digitale ondersteuning in de zorg. AMC en VUmc organiseren deze week verschillende gezamenlijke activiteiten om te laten zien wat e-health binnen de organisaties inhouden.

In 2018 gaan AMC en VUmc bestuurlijk fuseren. Dus ook op het gebied van e-health worden krachten gebundeld. We vroegen 2 pioniers, aan beide kanten van de Amstel, om de ander drie vragen voor te leggen. Het woord aan Prof. dr. Marlies Schijven (AMC) en Prof. dr. Irma Verdonck  (VUmc). Beiden zijn tevens lid van de stuurgroep van het NFU Citrienfonds thema 'e-health', namens AMC en VUmc.

Marlies Schijven (1969) is gezondheidswetenschapper, chirurg en hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam en AMC. In 2015 is zij benoemd tot hoogleraar Chirurgie, in het bijzonder Serious Gaming, Simulation en Applied Mobile Healthcare, aan de Faculteit der Geneeskunde van de Universiteit van Amsterdam (AMC-UvA). Naast haar werk als chirurg leidt ze diverse projecten rondom simulatie en serious gaming voor zorgprofessionals in het AMC, en is ze de programmaleider van het NFU Citrien e-health programma.

Irma Verdonck (1963) is psycholoog, logopedist en taalkundige en als hoogleraar "Psychosociale oncologie" verbonden aan de Vrije Universiteit en VUmc. Ze is programmaleider van "Treatment and Quality of life" van het onderzoeksinstituut Cancer Center Amsterdam van VUmc en AMC. Ze  leidt de onderzoeksgroep Samen leven met kanker (samenlevenmetkanker.nl) met vier onderzoeksprogramma's. 

Drie vragen van Irma Verdonck aan Marlies Schijven:

De ontwikkelingen in e-health gaan razend snel, nationaal en internationaal. Hoe kunnen AMC'ers en VUmc'ers up-to-date blijven van de mogelijkheden die e-health biedt?
"Inderdaad, de ontwikkelingen gaan snel! Het ligt er een beetje aan hoe je geïnformeerd wilt worden. Bladen als ICT&HealthZorgVisieZorg en WelzijnSkipr en Nursing besteden veel aandacht aan e-health. Maar ook in de meer op wetenschap gerichte bladen is steeds meer te vinden, zoals NtvG en Huisarts en Wetenschap.
De Mobile Doctors, een initiatief van de van de VvAA kent een grote groep 'enthousiastelingen', en je hebt ook het platform smarthealth.nl. Je kunt congressen bezoeken, er zijn er inmiddels een heleboel, en daarnaast zijn er heel veel websites, LinkedIn profielen en Twitter-accounts die je kunt volgen. Ik post zelf heel regelmatig over e-health, bijvoorbeeld op Twitter en Linkedin. En natuurlijk is deze week de landelijk e-healthweek - als je de site ervan bezoekt krijg je een goed beeld wat er gaande is op het gebied van e-health. En gewoon een rondje googelen levert vaak ook enorm  veel op.

Het is wel lastig om te bedenken wat nou 'promotalk' is en wat ook wetenschappelijk gezien waardevolle innovaties zijn. Daarvoor raad ik aan het e-health programma van de NFU te volgen, (www.nfu-e-health.nl). Niet alleen vind je daar veel activiteiten die in het kader van het NFU Citrien e-health programma voor, door en met zorgprofessionals in de academische ziekenhuizen ontwikkeld worden. Ook kun je zo gemakkelijk in contact komen met mensen die met e-health werken. Sterker nog, daar ken ik je van!"

Jouw onderwerp is serious gaming. Kun je wat voorbeelden noemen? En wat is daar de wetenschappelijke evidentie voor? Wat hebben mensen er aan?
"Zeker! Ik vind het interessant om me te verdiepen in waarom dóen mensen nou iets. Spelen, of populair gezegd, gamen, hoef je niemand aan te leren. Dat doen we allemaal, zij het dat ieder weer iets anders leuk vindt. Als je nu kunt uitvissen hoe je mensen kennis of vaardigheden bijbrengt zónder dat iets als 'huiswerk' ervaren wordt, liefst in korte snapshot momenten, heb je veel meer kans dat mensen het ook gaan doen. Bovendien blijft kennis beter hangen als het emoties oproept, dus als het als leuk of enerverend ervaren wordt.

Het is wel eens onderzocht hoe gezichten eruit zien van gamers in vergelijking met mensen die dezelfde 'inhoud' op papier lazen.  De gezichten van de gamers bleven bepaald niet onbewogen - emoties worden dus getriggerd- , terwijl de gezichten van de lezers eigenlijk weinig activiteit vertoonden. Moet je voorstellen wat er dan in het brein gebeurt, minder bij de lezers dus. En daarmee wordt kennis minder goed opgeslagen. Dit is ook precies de reden waarom het aanbieden van informatie via een e-learning - een pdf achter glas-  veel minder goed werkt dan gaming. Het gaat dus niet zozeer om websites of techniek maar om hoe je dit nu slim inzet. De promovendi die ik begeleid, houden zich bezig met dit soort vraagstukken en we hebben ook gepubliceerd dat gamende chirurgen echt meetbaar beter presteren op de OK."

Veel mensen hebben vragen over wat er in VUmc en AMC mogelijk is en bijvoorbeeld hoe het zit met de privacy, databeveiliging of koppelingen tussen hun app en EPIC. Kunnen ze daarvoor bij jou terecht?
"Ja. Ik ben benoemd tot 'eigenaar e-health' van het EVA Servicecentrum voor AMC en VUmc. Ik maak deel uit van de AMC- VUmc stuurgroep die zich bezighoudt met e-health, en ben natuurlijk vanwege mijn leerstoel 'simulatie, serious gaming en applied mobile health' nauw betrokken bij veel initiatieven. Mensen weten me ook goed te vinden. Ik weet niet altijd het antwoord natuurlijk, maar help graag als ik kan. Ik zie zo ook veel moois langskomen en weet daardoor goed wat er speelt.  Daarbij heb een fantastisch team mensen bij het EVA Servicecentrum die samen met mij kijken hoe ze ons digitaal dossier zo goed, en binnen onze mogelijkheden zo snel mogelijk  inricht op de vragen van zorgverlener en patiënt. Er valt nog veel winst te behalen, en dat gaan we ook doen!"

Drie vragen van Marlies Schijven aan Irma Verdonck:

Waarom heeft de raad van bestuur van VUmc jou 'aan zet' gezet als stuurgroeplid voor het NFU e-health Citrien programma? Ben je een whizzkid?
"Mijn visie past goed bij hoe de raad van bestuur tegen e-health aan kijkt: heel nuttig, zeker nodig, er is veel vraag naar zowel vanuit zorgverleners als patiënten, maar het is een middel en geen doel op zich. Wel vind ik het heel belangrijk dat e-health interventies wetenschappelijk onderbouwd zijn en met het wetenschappelijk onderzoek naar online begeleidende zorg bij kanker ben ik dan weer wel koploper. Dit onderzoek gaat zowel over (kosten)effectiviteit als over hoe je evidence based interventies implementeert in de zorg. Dat was voor de raad van bestuur een belangrijke reden om mij te vragen als stuurgroeplid. Ik zie mezelf dan ook niet als 'whizzkid' maar meer als 'linking pin' tussen de praktijk en research op het gebied van e-health."]

Serious gaming is het onderwerp van mijn leerstoel, en ik ben blij dat onze raden van bestuur ervoor gekozen hebben om gaming in te zetten om de alliantie te verbreden via de AlliantieGame. Waarin staan VUmc en AMC sterk wat jou betreft als het gaat over e-health?
"De AlliantieGame is een goede manier elkaar beter te leren kennen, de quizvragen over elkaar zijn niet alleen leuk maar ook erg informatief! In beide huizen gebeurt heel veel op het gebied van e-health. Ik denk dat we de ontwikkelingen kunnen zien als een estafette, waarbij er in het AMC relatief meer gebeurt met nieuwigheden en gadgets (die vervolgens soms toch niet zo bruikbaar zijn als werd gedacht, dat hoort er ook bij), en in VUmc men meer de krenten uit de pap kiest, deze door ontwikkelt en breder toepasbaar maakt. Zodoende komt de "best of both worlds" uiteindelijk in beide huizen beschikbaar."

Topzorg door verbinding dus, ook digitaal. Hoe zie jij dat nou?
"Vanuit mijn eigen onderzoeksgebied blijkt steeds duidelijker dat topzorg nóg beter kan worden als je de patiënt betrekt bij zijn of haar zorg (zelfmanagement). De meeste mensen (ook ouderen met kanker bijvoorbeeld) zijn in staat om online toepassingen te gebruiken waarmee ze zelf informatie kunnen vinden of zichzelf kunnen helpen.

Het afgelopen jaar heb ik door het NFU Citrien e-health project veel geleerd over de vele mogelijkheden van e-health buiten mijn eigen onderzoeksgebied. En ik zie dat topzorg veel baat kan hebben bij digitale verbinding. Een probleem daarbij is vaak nog dat informatiesystemen niet gekoppeld kunnen worden en daar wordt landelijk hard aan gewerkt. Gelukkig trekken AMC en VUmc samen op (bijvoorbeeld met EPIC) en kunnen ze de regie nemen in de verbetering van de ketenzorg in de regio met andere ziekenhuizen en huisartsen. Voor sommige e-health toepassingen (bijvoorbeeld het verbeteren van de ketenzorg) is natuurlijk geen wetenschappelijk onderzoek nodig, maar moet je dat gewoon doen!"

bron: Origineel

Gepubliceerd op: Fri Jan 26 15:55:00 CET 2018