Praktijkopleider blikt terug: 'Veel mogelijk in korte tijd als het moet"

Gepubliceerd op: 17-08-2020

De komst van het coronavirus gooide veel plannen, routines en het onderwijs in de ziekenhuizen overhoop. Wat veranderde er voor de praktijkopleiders en opleidingsadviseurs in de ziekenhuizen en wat hebben ze geleerd van deze periode? We vroegen het hen.

DEEL 1:
Lies Veen, praktijkopleider van de IC van het NWZ locatie Alkmaar

“Ik ben de enige praktijkopleider van de IC van het NWZ locatie Alkmaar en heb een combibaan, ik werk deels zelf op de afdeling. Toen het virus voor meer drukte zorgde, hadden we veertien studenten op de afdeling, uit verschillende leerjaren. Gelukkig hadden zij net het laatste lesblok afgesloten. In april startte er een nieuwe groep van vijf, die al in februari was begonnen met voorwerken. In overleg met de unithoofden en de Amstel Academie is besloten om hen toch te laten starten. Er is zo’n tekort aan specialistische verpleegkundigen, met het oog op de toekomst was dit de juiste keuze.”

"Er is zo’n tekort aan specialistische verpleegkundigen,

met het oog op de toekomst was dit de juiste keuze.”

“De nieuwe studenten kregen opdrachten om thuis te doen, we hebben online meetings en contactmomenten georganiseerd. Het heeft zeker geholpen dat de opdrachten van de Amstel Academie zo snel op Canvas beschikbaar waren. De planners zorgden ervoor dat de studenten de tijd die ze normaliter op school zaten, vrij hadden voor thuisstudie. We zien wel waar het schip strandt, was ons uitgangspunt. Het was wel even slikken, moet ik zeggen.”

"Om klinisch redeneren thuis zelf te moeten leren,

dat is wel lastiger dan met andere studenten in een klaslokaal.”

“Toen het aantal IC-bedden werd uitgebreid, nam ook de druk toe. We hebben de studenten daarom meer als omloop ingezet, ze leerden hierdoor snel waar alles te vinden was, hoe ze medicatie moesten klaarmaken, en konden collega’s ondersteunen. Achteraf waarderen ze die ervaring. Maar door de drukte en onvoorspelbaarheid was er ook weinig ruimte in de hoofden van werkbegeleiders om jonge studenten te begeleiden. En om klinisch redeneren thuis zelf te moeten leren, dat is wel lastiger dan met andere studenten in een klaslokaal.”

“Het duurde denk ik zo’n twee tot drie weken voordat we onze weg hadden gevonden in het nieuwe werken. Al waren er ook momenten waarop ik zelf het overzicht even kwijt was. Het hielp dat ik altijd aanwezig was op de afdeling en niet vanuit huis heb gewerkt. Daardoor kon ik de studenten regelmatig blijven vragen hoe het ging, of ze tegen dingen aanliepen en hoe het met hun opdrachten ging. Maar de nieuwe groep heeft het naar school gaan wel gemist, het samenwerken en elkaar leren kennen.”

“Ik heb geleerd dat er veel mogelijk is in korte tijd als het moet. Zo kregen we ineens wel kant-en-klare spuiten voor slaapmedicatie, terwijl we daar al jaren om vragen. Het online onderwijs heeft daarnaast voordelen, geen reiskosten en -tijd bijvoorbeeld. Maar we moeten ons blijven afvragen wat wenselijk is, niet iedereen zal thuis goed kunnen leren. Er gaat een nieuwe tijd aanbreken en we moeten gaan kijken hoe we het onderwijs willen aanpakken in de toekomst.” 

Gepubliceerd op: 17-08-2020